"Knapperig en heerlijk met toscaglazuur". Zo begint het dit recept uit ons Noorse bakboekje. "Hij is op zijn best als hij makkelijk loskomt van de bakplaat. Bereid ze voor en doe ze in de oven voordat je koffie gaat zetten. Serveer met vanille-ijs of citroensaus".
voor 6 personen
nodig:
2 plakjes diepvries bladerdeeg
3 kleine appels
1 ei om te bestrijken
amandeltoscaglazuur
25 g boter1/4 dl suiker
½ eetlepel bloem
½ eetlepel melk
½ dl geschaafde amandelen
Zet de oven op 200 C. Rol bladerdeegplakjes uit om ze langer te maken, zodat 3 halve plakjes appel naast elkaar passen met steeds een kleine ruimte ertussen.
Roer alle ingrediënten voor het glazuur door elkaar en roer het in een pan warm.
Schil de appels en deel ze in tweeën, verwijder het klokhuis en snijd ze in dunne plakjes. Houd de plakjes zo dat ze de appelvorm behouden. Leg drie halve appels op elk plakje bladerdeeg. Begin vanuit het midden. Druk de appels in het bladerdeeg en markeer een uitsparing rond elke appel. Hiervoor kun je bijvoorbeeld een theelepel gebruiken. Bestrijk de appels en het bladerdeeg met het geklutste ei. Doe het glazuur op de appels en laat het naar beneden glijden. Het wordt heerlijk!
Steek ze in de oven en bak 15-20 minuten tot de taartjes een mooie kleur hebben gekregen.
Een makkelijk appelgebakje dat je voor plotseling bezoek snel op tafel kan zetten.
Maar wat vond onze dagjury ervan. De gebakjes werden voorgeschoteld aan een groep koorleden (de altgroep) van ons gezamenlijk kerstkoor (Het Amsterdams Kerstkoor). Hun commentaar loog er niet om: Yilskedai!, wat zoiets betekent als smeuïg, krokant, luchtig en toch stevig. Het middenstuk was heerlijk met die amandeltjes en schijfjes appel, alleen was de bladerdeegrand eromheen te breed.
Alten bedankt!